Als wij vanuit Westerse denkbeelden en met Westerse ogen naar China kijken, is het lastig om te begrijpen wat China en haar bevolking drijft. In zijn Ted talk biedt Martin Jacques ons drie bouwstenen om China te begrijpen.
China als beschavingsstaat
Wat geeft Chinezen het gevoel om Chinees te zijn? Dat gevoel komt niet van de natie-staat die in de laatste honderd jaar is ontstaan, zoals in het Westen het geval is. Dit gevoel komt uit de periode van de beschavingsstaat. Denk aan gebruiken zoals voorouderverering, van een eigen begrip van de staat en een eigen begrip van familie, sociale relaties zoals guanxi, Confuciaanse waarden enz.
China is met 1,3 miljard inwoners heel groot en divers. Het wordt gedecentraliseerd bestuurd, terwijl Westerlingen denken dat het wordt bestuurd vanuit Beijing. Dat is nooit zo geweest.
Idee van ras
De Chinezen hebben een heel ander idee van ras dan de meeste andere landen. Van de 1,3 miljard Chinezen denkt meer dan 90% dat ze tot hetzelfde ras behoren: de Han. Dit is compleet verschillend van de rest van de wereld. De grootste en meest bevolkte landen zoals India en de VS zijn allemaal multiraciaal. China is alleen multiraciaal aan de randen. De reden ligt opnieuw in de beschavingsstaat. Tweeduizend jaar geschiedenis van verovering, bezetting, absorptie en assimilatie leidde tot een vermenging van bevolking waarbij in de loop van de tijd het begrip ‘Han’ ontstond. Gevoed door een groeiend en krachtig gevoel van culturele identiteit. Zonder deze historische ervaring en zonder de Han zou China nooit samengebleven zijn. De Han-identiteit is het cement dat dit land samen heeft gehouden.
Het grote nadeel ervan is dat de Han maar weinig begrip hebben voor culturele verschillen. Ze geloven echt in hun eigen superioriteit en zijn niet respectvol naar degenen die niet tot het Han-volk behoren. Dat zie je bijvoorbeeld terug in hun houding tegenover de Oeigoeren en de Tibetanen.
De aard van de Chinese staat
De relatie tussen staat en samenleving is in China anders dan in het Westen. Wij denken dat de autoriteit en legitimiteit van de staat een functie is van de democratie. De Chinese staat geniet echter meer legitimiteit en meer gezag onder de Chinezen dan in enig Westers land het geval is. En dat heeft niets te maken met democratie, want in onze termen hebben de Chinezen geen democratie. De staat in China heeft een speciale taak als de vertegenwoordiger, de belichaming en de voogd van de Chinese beschaving. Op die manier krijgt de staat zelfs een soort spirituele rol.
In de afgelopen 1000 jaar werd de macht van de staat in Europa en (later ook) Noord-Amerika voortdurend uitgedaagd. De staat moest zich teweerstellen tegen de invloed van de kerk, van de aristocratie, van handelaren enz. Gedurende dezelfde periode werd de macht van de Chinese staat nooit betwist.
Het resultaat is dat de Chinezen een heel andere kijk op de staat hebben. Wij hebben de neiging om de staat te bekijken als een bemoeial en vreemdeling, een instituut waarvan de bevoegdheden moeten worden beperkt of nauw omschreven. De Chinezen zien dat anders en bekijken de staat meer als het hoofd van de familie. De patriarch.
Chinezen geloven in marktwerking sinds Deng Xiao Ping in 1978 het ‘kapitalisme met socialistische trekjes’ invoerde. Deze marktwerking wordt gecombineerd met een extreem sterke en alomtegenwoordige staat. De staat is in China overal.
Deze drie bouwstenen hebben gevolgen voor het China van nu. Meer hierover in Inzicht in de opkomst van China – Ted talk van Martin Jacques:
